Duurzaamheid

Duurzaamheid

Voor De Meelfabriek is duurzaam ondernemen een duidelijk streven en wordt doorgevoerd op uiteenlopende gebieden. Dat begint bij de panden zelf. Het gebruik van duurzame materialen, demontabel bouwen, herbestemmen van bestaande Rijksmonumenten naar een functionele, tijdloze ontwerp van de Meelfabriek, waardoor gebruikers veel minder de behoefte zullen voelen om (snel) weer te verbouwen. Er wordt gestreefd naar zo groot mogelijke beperking van het energieverbruik door verspilling tegen te gaan en een optimaal gebruik van energie uit duurzame bronnen.

Maar ook worden bijvoorbeeld bezoekers en bewoners gestimuleerd tot gebruik van alternatieve transportmiddelen door het beschikbaar stellen van deelauto’s, huurfietsen en een elektrische boot, aangevuld met een hoge beschikbaarheid van laadpunten in de parkeergarage om de overstap naar elektrisch rijden in de toekomst te vergemakkelijken.

Ondernemers die zich bewust duurzaam inzetten zien we als grote meerwaarde en andersom is het niet voor niets dat zij zich thuis voelen bij De Meelfabriek.

Een van de kernwaarden van de Meelfabriek is duurzaamheid. De betrokkenen doen dan ook al het mogelijke om een optimaal duurzaam concept te creëren. Te beginnen bij de panden zelf. Het gebruik van duurzame materialen, demontabel bouwen, herbestemmen van bestaande Rijksmonumenten. De Meelfabriek haalt alles uit de kast om zo duurzaam mogelijk te zijn.

Het hergebruik van de Rijksmonumenten bijvoorbeeld betekent dat de gebouwen, stenen, betonnen vloeren en daken, stalen gevelkozijnen en andere materialen niet opnieuw geproduceerd, vervoerd en verwerkt hoeven te worden, vertelt technisch directeur van Van der Wiel Bouw Ed Zwart. ‘Dat scheelt heel veel energie en grondstoffen, en vormt een mooi vertrekpunt voor de duurzaamheid die door het hele project en proces centraal staat.’

Trias Energetica
Bij de herbestemming van de verschillende gebouwen heeft Van der Wiel Bouw bovendien gekozen voor Trias Energetica, een driestappenstrategie voor een duurzaam ontwerp. De drie stappen vormen de vuistregels voor het duurzaam ontwerpen van gebouwen. De eerste van de drie is: beperk het energieverbruik door verspilling tegen te gaan. Ed Zwart: ‘Wij verlagen de energiebehoefte in de gebouwen van de Meelfabriek door het aanbrengen van isolatie in vloeren, daken en gevels, en we passen hoogrendementbeglazing HR++ en/of een nog beter presterende triple-beglazing toe.’

Het verwarmen van de gebouwen gebeurt door zogenaamde lagetemperatuurverwarming. ‘Veelal is vloer- en wandverwarming de aangewezen methode met water van “slechts” 40 graden komen de ruimten prima op temperatuur. Een lage watertemperatuur betekent ook dat je er veel minder energie hoeft in te steken; een traditionele cv-ketel werkt met een temperatuur tussen de 70 en 90 graden, wat veel meer energie kost. Daarnaast passen we ’s zomers via de vloer- en wandverwarming ook passieve koeling toe. Het koude water komt vrijwel gratis uit de grond en airco’s zijn dus niet nodig.’

En dan wordt er in de Meelfabriek ook nog warmte-energie teruggewonnen uit de ventilatielucht en wordt er zo veel mogelijk LED-verlichting toegepast die naar behoefte van gebruik gestuurd wordt via schemer- en/of bewegingschakelaars.

Duurzame bronnen
De tweede stap in de Trias Energetica is maximaal gebruikmaken van energie uit duurzame bronnen als wind-, water- en zon. ‘In de Meelfabriek maken wij gebruik van al deze opties,’ vertelt Ed. ‘Zo wordt er met bodembronnen tot wel 250 meter diep vloeistof in de bodem gepompt die vervolgens weer naar boven komt. De zogenaamde warmte-koudeopslag.’ (zie kader)

Naast dit systeem heeft de Meelfabriek een warmtedak, eigenlijk een vloerverwarming die op het hoge dak is gesitueerd. ‘’s Zomers kun je daar warm water mee maken en door de warmte via die slangen goed af te voeren heeft het betreffende gebouw bovendien minder koeling nodig. Voor een aantal gebouwen gebruiken we warmtepomptechniek waarbij energie uit de lucht wordt onttrokken – en ook die energie wordt in een boilervat opgeslagen.’ Tot slot wekt de Meelfabriek ook nog energie op met zonnepanelen en wordt met zonnecollectoren op de daken warm water gemaakt.

Om in de resterende energiebehoefte te voorzien moet tot slot zo efficiënt mogelijk – en het liefst helemaal geen – gebruik worden gemaakt van fossiele brandstoffen. Ook die stap is goed te maken, legt Ed Zwart uit. ‘De benodigde elektrische energie wordt afgenomen van een groene leverancier die met windmolens of zonneparken stroom opwekt.’ Een gasaansluiting ontbreekt dus geheel in het bijzonder duurzame project dat de Meelfabriek is.

Duurzaam vervoer
Ook op het gebied van vervoer is de Meelfabriek optimaal duurzaam. Zo heeft de drielaags parkeergarage voor driehonderd auto’s een zeer hoge dekking van laadpunten voor elektrisch rijden. Dat de parkeergarage zich geheel ondergronds bevindt en de auto’s hierdoor uit het zicht zijn, is eveneens een grote verbetering van de leefomgeving. Bezoekers en medewerkers kunnen bovendien kiezen voor het gebruik van een van de elektrische huurauto’s (BMW i3). Wie met het openbaar vervoer, de fiets of lopend naar de Meelfabriek komt, kiest op momenten dat het nodig is voor deze deelauto. Of voor de huurfietsen van Bizon Bike Company of de elektrische boot van Bizon Events.

En niet alleen is er een samenwerking aangegaan met deze duurzame partner, ook bij de keuze voor bedrijven die het voormalige directiekantoor en het Poortgebouw vullen is gemikt op ondernemers die op dit vlak hun steentje bijdragen, zoals LeydenJar Technologies en Ghost Fishing.

Bij dit alles opgeteld het functionele, tijdloze ontwerp van de Meelfabriek, waardoor gebruikers veel minder de behoefte zullen voelen om (snel) weer te verbouwen, en het mag duidelijk zijn: veel duurzamer dan de Meelfabriek zul je het niet snel vinden in Nederland.

Toelichting warmte-koudeopslag

De vloeistof wordt naar een diepte van 250 meter gepompt en komt een paar graden warmer naar boven door invloed van de bodem en de daar vrij constante temperatuur van 12 tot 15 graden. De gewonnen graden worden vervolgens afgegeven aan het opslagsysteem, zoals een boiler. Als je dat vaak genoeg doet, krijgt die boiler uiteindelijk een temperatuur van 50 of 55 graden: op zijn beurt een prima bron om de vloerverwarming mee te verwarmen of het tapwater voor de douche. De energie uit de bodem is gratis, alleen voor het rondpompen is het nodig extra elektra in te zetten. In de zomer kun je het systeem ook omgekeerd laten werken en het warme water uit de door de zon opgewarmde woning de grond in pompen om te laten afkoelen. Als je dat koudere water vervolgens door de woning pompt is er een goede koeling.

WKO De Meelfabriek in Leiden